Vakantiegeld 2025: wat is er veranderd?

De maand mei staat elk jaar voor veel  mensen in het teken van het vakantiegeld. Dit jaar misschien zelfs wel meer dan andere jaren. Door wijzigingen in het belastingstelsel en de verhoging van het minimumloon zijn de verschillen met vorig jaar groter dan ooit: sommige medewerkers gaan er duidelijk op vooruit, anderen leveren juist in.

Het kan zijn dat medewerkers hier vragen over hebben. Daarom leggen we je hieronder uit wat de wijzigingen zijn en hoe die zijn ontstaan.

Wie merkt wat?

Dankzij de verhoging van het minimumloon profiteren medewerkers met een minimumloon het meest. Zij kunnen tot wel 236 euro netto meer ontvangen.

Medewerkers met een middeninkomen tussen de bruto 2.000 en 2.750 euro zien een kleine stijging van het vakantiegeld. Dit varieert van 32 euro tot 145 euro netto.

Medewerkers met een modaal inkomen van circa 3.588 euro gaan er licht op achteruit. Zij krijgen dit jaar netto ongeveer 8 euro minder dan in 2024.

Voor medewerkers met inkomens vanaf 7.176 euro blijft het vakantiegeld grotendeels gelijk.

Let op! Parttimers met lage inkomens kunnen door wijzigingen in de belastingregels tot 213 euro minder vakantiegeld ontvangen dan vorig jaar.

Waarom deze verschillen?

Het belastingtarief dat je betaalt over je vakantiegeld is inkomensafhankelijk. In 2025 zijn de belastingtarieven gewijzigd en dat geldt dus ook voor het vakantiegeld. Daarnaast is zoals hierboven aangegeven het minimumloon verhoogd.

Voor 2025 gelden de volgende belastingtarieven:

Over de eerste 38.441 euro van het inkomen betaalt de medewerker 35,82 procent belasting.

Het inkomen boven die 38.441 euro en onder de 76.817 euro wordt met 37,48 procent belast.

En over het inkomen boven de 76.817 euro, betaal de medewerker 49,5 procent belasting.

Vragen?

Krijg je vragen van je medewerkers, probeer ze dan duidelijk uit te leggen hoe de verschillen zijn ontstaan. Kom je er niet uit, dan kan jij natuurlijk altijd bij ons terecht.